|
15 april 2012
Passie voor passie ‘steeds meer begin ik te merken dat God voor mij Adem is Adem geeft ruimte voor langere adem aandacht voor de medemens langere adem, meer geduld Adem laat vooroordelen verdwijnen zorgt voor een opener blik naar de ander naar de wereld naar je eigen situatie’ (passage uit mijn veertigdagenboek) ‘Kom als de wind die je voelt en de regen Volg wat je doet als het licht van de maan Zoek me in alles dan kom je me tegen Fluister mijn naam En ik kom eraan’ (passage uit The Passion) _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ God is voor mij Adem en hartslag. Iets wat er altijd is, zonder dat je het altijd opmerkt. Toch is het goed om er af en toe bij stil te staan. Dat het er is en dat het je goed doet. Dat de liefde van God zichtbaar mag worden in de liefde voor elkaar. En dat je dat mag delen. Liefde is één van de zaken die je kunt delen zonder dat het minder wordt. Sterker nog: als je liefde deelt, vermenigvuldigt het zich. Wonderbare vermenigvuldiging! En wat is dat dan, God? En wat is dat dan, geloof? Boeken zijn hierover vol geschreven, oorlogen worden hierover gevoerd. In de Goede Week was ik bij een uitvoering van de Matthäus Passion van Bach. Geweldige muziek, ik dompel me graag een paar uur onder in deze klanken. Na zo’n uitvoering ben ik echt geraakt; door het verhaal, door de muziek, door sommige solisten, door het koor. Goede Vrijdag keek ik The Passion terug. Geweldig project, ik laat me graag meevoeren in deze versie van het passieverhaal. Ik ben echt geraakt; door het verhaal, door de muziek, door een aantal zangers, door de grootsheid van dit project, door de tomeloze inzet van zoveel medewerkers. En dan begint het: de discussie. Kan dat zomaar, popliedjes gebruiken om het verhaal van Jezus te vertellen? Danny de Munk die Jezus speelt? Zeker in de klassieke muziekwereld wordt er al snel schande gesproken van dit soort projecten. Woorden als authenticiteit, kwaliteit en cultuurerfgoed vliegen je om de oren. Honderd argumenten waarom de Matthäus beter zou zijn dan The Passion liggen binnen de kortste keren op tafel. Meningen verharden, afstanden vergroten. Dit zijn de momenten waarop ik mij het minst thuis voel in het wereldje van de klassieke muziek. Wie zijn wij als klassieke musici om te kunnen bepalen dat de muziek van Bach meer geschikt is om het evangelie te hervertellen dan liederen van hedendaagse popmusici?? Weten wij dan precies hoe het in de tijd van Jezus is gegaan? Hebben wij de waarheid in pacht? Kunnen wij de onmetelijke grootheid en goedheid van de Eeuwige verklaren? Boos kan ik worden van deze ellenlange discussies. Nog bozer kan ik worden van de hoogmoed van menig klassieke collega. Naar de Matthäus gaan luisteren is integer en naar The Passion gaan is sensatielust? Laat me niet lachen. Alsof het evangelie alleen is voor de relatief kleine groep die nog ongeremd warmloopt voor de muziek van Bach! Het idee alleen al dat de klassieke musicus door zijn of haar kennis van muziek kan bepalen wie er iets mag beleven aan het passieverhaal en vooral: hoe je dat mag beleven. Zolang het verhaal met respect en met kwaliteit gebracht wordt, zijn er naar mijn idee maar weinig restricties. Ik was niet onder de indruk van het optreden van Frans Bauer, dat wil ik eerlijk bekennen. Maar ik was ook niet kapot van de alt-solist bij de Matthäus. Tegelijkertijd vond ik Danny de Munk en Carly Luske ijzersterk. En bij de Matthäus sprongen Maarten Koningsberger en Jörg Dürmüller er wat mij betreft uit. Maar nogmaals: het idee alleen al dat iemand meent te kunnen bepalen welke muziek, welke artiesten en welke uitvoeringspraktijk geschikt zijn om de verhalen uit de bijbel te hervertellen, stuit mij enorm tegen de borst. God is niet te verklaren, het geloof is niet in muziekstijlen te vangen. Jos Wouters, abt van het klooster in Averbode zei eens: ‘als je het begrijpt, is het God niet’. Laten we met z’n allen nu eens ophouden met denken dat we na een studie het recht hebben om te bepalen hoe je je wel en niet mag richten tot de Eeuwige. In plaats daarvan zouden we beter eens op zoek kunnen gaan naar onze eigen adem en hartslag. Waar leef ik voor? Waardoor word ik bewogen? Met wie ben ik op deze aarde? Hoe kan ik een opener blik krijgen naar de ander? Laten we zoeken naar het goede in de ander, naar de overeenkomsten, in plaats van steeds maar weer het gevecht aangaan om de verschillen. En vooral: laten we ieders beleving en bewogenheid op waarde schatten en respect hebben voor elkaars inzichten en overtuigingen. En, zoals ik in een artikel van Nynke Dijkstra-Algra las: vervolgens kan er over alles worden nagepraat. Ben ik zo fel omdat ik één van de makers van The Passion goed ken? Nee. Ben ik daardoor meer geraakt? Wellicht. En dat brengt me bij het tweede punt dat ik wil maken: laten we alsjeblieft blij zijn met mensen die hun nek durven uitsteken, die hun nek willen uitsteken. Ik kan alleen maar heel grote bewondering hebben voor mensen die op wat voor manier dan ook met veel passie iets goeds nastreven. En wat is dan goed? Goed is, dat je je eigen identiteit durft te laten zien, dat je het geloof bespreekbaar wil maken, dat je je durft te laten raken. Met een uitgestreken gezicht bij de Matthäus zitten, ziet er misschien wel heel interessant uit, maar eerlijk vertellen dat je geraakt bent door The Passion, doet mij meer en laat mij meer zien van de persoon achter deze opmerking. Het is zo makkelijk om overal over te mekkeren, maar zet je hart toch open, toon respect naar elkaar en durf je te laten raken! Elske te Lindert
|